Extra informatie

Z.d.j.w. Gulden (1875 - 1960) en m. Geldmaker (1874 - 1930) | Bonas | 9789076643182

Dubbelklik op de afbeelding voor groot formaat

Uitzoomen
Inzoomen

€ 16,50

Direct uit voorraad leverbaar

Z.D.J.W. Gulden (1875 - 1960) en M. Geldmaker (1874 - 1930)

Uitgever:BONAS

ISBN: 978-9076643182

  • Paperback
  • Nederlands
  • 141 pagina's
  • 1 jan. 2010

Qua omvang van hun oeuvre behoorden de architecten Z.D.J.W. Gulden en M. Geldmaker gedurende het interbellum tot de belangrijkste specialisten op het gebied van de volkshuisvesting. Niet alleen hebben ze een vele duizenden woningen op hun naam staan, ook ontwierpen ze de woningplattegronden voor bekende architecten als H.P. Berlage, J.M. van der Mey, J.F. Staal en Margaret Staal-Kropholler. Ook hielden Gulden en Geldmaker zich bezig met experimenten in de volkshuisvesting. In zijn boek Rationalisatie in de woningbouw presenteerde Gulden een plan voor een woongebouw voor arbeiders met zeer uitgekiende plattegronden en met vele centrale voorzieningen. Ook in diverse uitgevoerde projecten werd hiermee geÎxperimenteerd. Geldmaker overleed jong, maar Gulden ging op gelijke voet door. Van zijn naoorlogse; werk vormt het Arie Kepplerhuis in Amsterdam uit 1952, een woningcomplex voor werkende echtparen dat Gulden met zijn naoorlogse partner G. Husslage ontwierp, een voortzetting van genoemde experimenten.


De architectuur van Gulden en Geldmaker kenmerkte zich aanvankelijk als een sobere variant op de Amsterdamse School: massieve, compacte woonblokken met een eenvoudige, maar subtiele detaillering. Na de dood van Geldmaker werd het werk strakker van karakter. De accentuering van hoek- en middenpartijen bleef, maar veel van de detaillering werd achterwege gelaten. Guldens sterke punt was het ontwerpen van woningplattegronden. Beide architecten lieten zich politiek en maatschappelijk gelden in de toenmalige SDAP en als hoofdbestuurders van de Vereniging van Nederlandse Bouwkundige Opzichters en Tekenaars. Gulden was zeer actief: hij was een van de oprichters van de Amsterdamse Bond van Gemeenteambtenaren en ook hoofdbestuurslid van liet NVV. Daarnaast was hij (mede)oprichter van een aantal woningbouwverenigingen. Gulden en Geldmaker werkten niet alleen niet veel bekende architecten samen; hun eigen bureau was een kweekplaats van talent, waaruit o.a. J. H. van den Broek voortkwam. Desalniettemin waren gegevens over Gulden en Geldmaker en hun oeuvre tot voor kort nauwelijks te vinden. In de literatuur werd weinig over hen gepubliceerd. Het archief van liet architectenbureau Gulden en Geldmaker is vernietigd, slechts over het naoorlogse werk van Gulden is nog archiefmateriaal voor handen. Hoewel er zeker nog werken zullen ontbreken is in dit boek een zo groot mogelijk deel van hun oeuvre geïnventariseerd.

Qua omvang van hun oeuvre behoorden de architecten Z.D.J.W. Gulden en M. Geldmaker gedurende het interbellum tot de belangrijkste specialisten op het gebied van de volkshuisvesting. Niet alleen hebben ze een vele duizenden woningen op hun naam staan, ook ontwierpen ze de woningplattegronden voor bekende architecten als H.P. Berlage, J.M. van der Mey, J.F. Staal en Margaret Staal-Kropholler. Ook hielden Gulden en Geldmaker zich bezig met experimenten in de volkshuisvesting. In zijn boek Rationalisatie in de woningbouw presenteerde Gulden een plan voor een woongebouw voor arbeiders met zeer uitgekiende plattegronden en met vele centrale voorzieningen. Ook in diverse uitgevoerde projecten werd hiermee geÎxperimenteerd. Geldmaker overleed jong, maar Gulden ging op gelijke voet door. Van zijn naoorlogse; werk vormt het Arie Kepplerhuis in Amsterdam uit 1952, een woningcomplex voor werkende echtparen dat Gulden met zijn naoorlogse partner G. Husslage ontwierp, een voortzetting van genoemde experimenten.


De architectuur van Gulden en Geldmaker kenmerkte zich aanvankelijk als een sobere variant op de Amsterdamse School: massieve, compacte woonblokken met een eenvoudige, maar subtiele detaillering. Na de dood van Geldmaker werd het werk strakker van karakter. De accentuering van hoek- en middenpartijen bleef, maar veel van de detaillering werd achterwege gelaten. Guldens sterke punt was het ontwerpen van woningplattegronden. Beide architecten lieten zich politiek en maatschappelijk gelden in de toenmalige SDAP en als hoofdbestuurders van de Vereniging van Nederlandse Bouwkundige Opzichters en Tekenaars. Gulden was zeer actief: hij was een van de oprichters van de Amsterdamse Bond van Gemeenteambtenaren en ook hoofdbestuurslid van liet NVV. Daarnaast was hij (mede)oprichter van een aantal woningbouwverenigingen. Gulden en Geldmaker werkten niet alleen niet veel bekende architecten samen; hun eigen bureau was een kweekplaats van talent, waaruit o.a. J. H. van den Broek voortkwam. Desalniettemin waren gegevens over Gulden en Geldmaker en hun oeuvre tot voor kort nauwelijks te vinden. In de literatuur werd weinig over hen gepubliceerd. Het archief van liet architectenbureau Gulden en Geldmaker is vernietigd, slechts over het naoorlogse werk van Gulden is nog archiefmateriaal voor handen. Hoewel er zeker nog werken zullen ontbreken is in dit boek een zo groot mogelijk deel van hun oeuvre geïnventariseerd.

Recent bekeken