Wat betekent het om mens te zijn in een wereld waarin technologie, klimaatverandering, andere levensvormen en mondiale ongelijkheid steeds sterker met elkaar verweven raken?
In 'Posthuman Knowledge and the Critical Posthumanities' onderzoekt filosoof Rosi Braidotti deze 'posthuman convergence'. In dit compacte essay verbindt ze kritiek op humanisme en antropocentrisme met vragen over kennis, technologie, ecologie en de toekomst van de geesteswetenschappen.
Kennis na het humanisme
Robots die voor mensen zorgen en landschappen vol digitaal afval. De mogelijkheden van synthetische biologie tegenover de dreiging van een klimaatcrisis. Indrukwekkende technologische intelligentie naast structurele vormen van geweld en uitsluiting. Voor Rosi Braidotti zijn dit geen afzonderlijke ontwikkelingen: ze maken deel uit van eenzelfde hedendaagse conditie.
In 'Posthuman Knowledge and the Critical Posthumanities' beschrijft Braidotti deze samenloop als de 'posthuman convergence'. Technologische ontwikkeling, klimaatverandering, kapitalistische kennisproductie en sociale ongelijkheid raken steeds nauwer met elkaar verweven. Om die wereld te begrijpen, moeten volgens haar ook onze ideeën over mens, kennis en wetenschap veranderen.
Wie staat centraal in onze kennis?
Braidotti stelt daarbij zowel het klassieke humanisme als het antropocentrisme ter discussie. De universele categorie 'mens' was historisch nooit zo universeel als zij pretendeerde te zijn: bepaalde groepen werden uitgesloten of als minder menselijk beschouwd. Tegelijkertijd heeft het idee dat de mens boven andere levensvormen en de natuurlijke wereld staat grote gevolgen voor de manier waarop we onze omgeving begrijpen en behandelen.
Posthumanisme betekent bij Braidotti daarom niet simpelweg een toekomst waarin mensen en machines samensmelten. Het is een kritische manier van denken die de mens niet langer als vanzelfsprekend middelpunt neemt en aandacht vraagt voor relaties tussen mensen, technologie, andere levende wezens en de materiële wereld.
Naar kritische posthumanities
Die verschuiving heeft ook gevolgen voor universiteiten en de geesteswetenschappen. Welke kennis produceren zij, vanuit welk perspectief en voor wie? En hoe kunnen de humanities reageren op een wereld die tegelijkertijd wordt gevormd door technologische versnelling, ecologische crisis en hardnekkige ongelijkheid?
Braidotti pleit voor kritische posthumanities waarin verschillende, belichaamde en gesitueerde perspectieven naast elkaar kunnen bestaan. Daarvoor zijn volgens haar verbeeldingskracht, uithoudingsvermogen en nieuwe vormen van verbondenheid nodig.
Deze compacte publicatie verschijnt in The Incidents, een serie gebaseerd op evenementen aan de Harvard University Graduate School of Design. Het boek biedt in slechts 80 pagina's een geconcentreerde introductie tot Braidotti's denken over